[ Video Club Hoorn en de Regio | Video club magazine inhoud | H & R Video ABC ]

Camerabeweging in de praktijk

Wel of geen statief? Voor veel opnamen zal het gebruik van een statief noodzakelijk zijn. De combinatie van videocamera, statief en de filmer moet een effectieve eenheid zijn. Eigenlijk moet je met de videocamera op statief veel oefenen, zonder echt opnamen te maken. Je moet dit zien als droogfilmen.

Eerst moeten wij ons statief eens kritisch bekijken. Is het wel stabiel? Hoe glijdend werkt de kop? Heeft het een vloeistof gedempte kop dan is er al een goede kans dat je mooie zwenkingen kunt maken. Is jouw statief ten opzichte van het gewicht van de camera misschien te licht? Is het statief hoog genoeg?

Bekijk eens of je ontspannen achter de videocamera en statief kunt filmen zonder gebukt of op je tenen moet staan.


Enkele oefeningen.

  1. Zet het statief zo neer dat n poot naar voren wijst terwijl jezelf tussen twee poten staat. Statief en camera leunt dan op die ene poot en zal zodoende niet naar voren duiken. Als je tussen de twee poten van het statief staat zal je ook niet zo snel tegen het statief aanschoppen als je snel je voeten verplaatst.
  2. Stel nu de glijdbaarheid van het statief zo af met de vastzetschroef dat je nog enige zwakke weerstand ondervindt. Dit is blijkbaar voor elk statief weer anders. Je moet dit echt proefondervindelijk vaststellen. Waarom? Als de statiefkop helemaal losgezet is kan de camera gemakkelijk naar voren knikken of per ongeluk een andere ongewenste beweging maken. Je moet de camera leiden en niet omgekeerd. Bij enkele statieven kan dat wel eens een zwak punt zijn.
  3. Houd het pookje zo vast dat je elleboog naar buiten komt en zo alle ruimte krijgt. Probeer dan de bewegingen zonder dat je arm tegen het lichaam wordt geblokkeerd.

  4. Richt nu de camera op twee voorwerpen die een eind uit elkaar staan, maar wel op gelijke hoogte. Als je dit oefent kun je bijvoorbeeld instellen op twee bomen aan de overkant van de straat of twee struiken in de tuin. Als we in het clubgebouw oefenen nemen we twee vaste voorwerpen of twee clubleden, die we ver uit elkaar op een stoel plaatsen. Het begin en het einde van een panorama (dat is een horizontale zwenk) zijn altijd statische opnamen. Dus: eerst vijf tot acht seconden het eerste object in beeld houden, vervolgens rustig zwenken naar het tweede object en dat eindshot ook weer vijf tot acht seconden vasthouden. Oefen dus met de twee objecten en zorg voor een gelijkmatige zwenk, zonder trillingen en hobbels. Wees kritisch voor jezelf en doe er net zolang over tot je feilloos een zwenk kunt maken. 

    Elke beweging met de camera leidt af. Een toeschouwer merkt dat gelijk. Een bibberende cameravoering valt dus dubbel op en haalt de toeschouwer uit zijn concentratie. Een beweeglijk persoon heeft de neiging  geregeld aan het kader te ontsnappen. Misschien zal je in zon geval proberen deze persoon te volgen. Dat moet je niet doen! Laat de persoon af en toe eens buiten het kader bewegen. Bijregelen is in zon geval storend en je bent dan toch steeds te laat. Als je zon beweeglijk persoon voor de lens hebt kun je misschien beter kiezen voor een grotere uitsnede (groothoeklens). We kunnen de resultaten op het grote scherm tonen en van commentaar voorzien op woensdagavond 23 april.

 Neem je camera en statief mee en vergeet niet je handleiding, want die komt misschien wel van pas. 

Veel succes.

Joop.


[ Video Club Hoorn en de Regio | Video club magazine inhoud | H & R Video ABC ]

[ blocqx11 ]