Internet begrippen
A B C D E F G H I J K L M
N O P Q R S T U V W X Y Z

  [ Video Club Hoorn en de Regio | Video club magazine inhoud | H & R Video ABC ]


  account
Een login naam + password (wachtwoord) waarmee u zich aanmeldt bij een server of inbel netwerk. Omdat het password geheim is, kunt alleen u het account gebruiken om toegang te krijgen tot persoonsgebonden diensten, zoals het ophalen van e-mail.

  cluster
Een groep nauw aan elkaar gekoppelde servers die in staat zijn elkaars functies automatisch over te nemen en/of zich naar buiten toe presenteren als ťťn 'logische' server. Clusters worden in 2 situaties ingezet: om een storing op een van de machines automatisch en onmiddellijk op te kunnen vangen (failsafe cluster), en/of om zware systeembelasting over meerder fysieke machines te spreiden (load-balancing cluster).

  domein
Een gereserveerde naam op internet. Elke naam moet geregistreerd zijn bij een door ICANN geaccrediteerde registrar om geldig te zijn.

  e-mail
Electronic mail = elektronische post. Een elektronische tekst waarvan het begin speciale informatie bevat over afzender, geadresseerde en onderwerp. Wordt via smtp verzonden over het internet. Geldt als de 'killer app', de toepassing van internet die op zichzelf al belangrijk genoeg is om mensen ertoe te bewegen een internet aansluiting te nemen.

  extranet
'Extra' is Grieks voor 'buiten'. Een extranet is een stuk internet met een hek eromheen. Geselecteerde toeleveranciers en klanten communiceren via het extranet met een bedrijf (en met elkaar), maar worden 'buiten' het eigenlijke bedrijfsnetwerk gehouden.

  flash
Een open standaard voor animaties in web pagina's, oorspronkelijk ontwikkeld door Macromedia.

  ftp
File Transfer Protocol. Speciaal protocol voor het kopiŽren van bestanden van en naar internet servers. Is hiervoor veel geschikter dan HTTP en biedt bijvoorbeeld voorzieningen om hele bestandsmappen te kopiŽren, of om na een onderbreking door te gaan (HTTP begint altijd helemaal opnieuw).

  hyperlink
Een koppeling vanuit een document naar een ander document. In feite een radicale innovatie op het concept 'voetnoot'.

  hypertekst
Tekst met hyperlinks naar andere documenten. HTML documenten op het internet zijn hypertekst, maar Windows help teksten ook. Hypertekst biedt totaal andere mogelijkheden dan klassieke 'lees van voor naar achter' tekst. Bovendien leeft hypertekst in een ander medium (beeldscherm) dan klassieke tekst (papier).

  http
Hyper Text Transfer Protocol. Een van de vele protocollen waarmee computers onderling informatie uit kunnen wisselen. In HTTP heeft elk document een uniek adres, dat vanuit elke aan het internet verbonden computer rechtstreeks opgevraagd kan worden. Door een HTTP adres als hyperlink op te nemen in een HTML document, is een klik met de muis voldoende om naar het nieuwe document te springen.

  html
Hyper Text Markup Language. Computers zijn dom. Als mens begrijpt u meteen, dat u nu de uitleg leest die bij de speciale term 'HTML' hoort. Om te zorgen dat een computer dat ook kan snappen, moeten mensen teksten van speciale, verborgen stuurcodes voorzien.

  hosting
Het als een gastheer (host) ontvangen van bezoekers op een internet server. Als iemand een website opvraagt, zoekt zijn computer contact met een host server; deze server laat hem dan uw website zien. De exploitant van deze server host in dat geval uw website.

  hosting provider
Een internet service provider, die gespecialiseerd is in het aanbieden van hosting diensten.

  i.e.t.f.
Internet Engineering Task Force. Het orgaan dat open standaarden vaststelt voor internet protocollen. Vrijwel alle internet technologie houdt zich aan de Request For Comment (RFC) standaarden van de IETF. De IETF functioneert als een min of meer anarchistisch samenraapsel van techneuten die in onderlinge consensus besluiten nemen op basis van technische overwegingen. In theorie klinkt dat vreselijk, maar in de praktijk werkt het boven verwachting. Getuige het feit dat het internet niet alleen naar behoren werkt, maar zelfs de explosieve groei van het afgelopen decennium zonder ernstige problemen aankon.

  inbel account
Een toegangscode die u het recht geeft uw computer te verbinden met het inbel netwerk van een ISP.
inbel netwerk. Uw 'oprit naar de elektronische snelweg'. U verbindt uw computer met het inbel netwerk van uw inbel provider en krijgt via dat inbel netwerk toegang tot de rest van het internet.

  inbel provider
Een internet service provider die gespecialiseerd is in het aanbieden van consumentenaansluitingen op het internet.

  internet
'Inter' is Grieks voor 'tussen'. Internet is het tussen-netwerk, het netwerk dat netwerken met elkaar verbindt. Het internet werd eind jaren ' 60 bedacht door het Amerikaanse ministerie van defensie. De bouw van het internet werd in de jaren ' 70 en ' 80 gedragen door de academische wereld, met een bijzondere rol voor de Unix software van de universiteit van Berkeley, CaliforniŽ. De grote publieke doorbraak kwam in de jaren ' 90, nadat Tim Berners-Lee het world wide web uitgevonden had. Het world wide web is maar ťťn van de gebieden van het internet. Andere gebieden zijn: email, FTP (file transfer), IRC (chat), telnet, usenet, etc.

  intranet
'Intra' is Grieks voor 'binnen'. Een intranet is een 'binnen-netwerk', een besloten bedrijfsnetwerk dat gebruik maakt van internet technologie.

  isp, internet service provider
In het Nederlands: internet diensten aanbieder. Veel ISP's bieden internet toegang aan via hun inbel netwerk. Andere ISP's bieden gespecialiseerde internet diensten aan en kopen inbel accounts in bij collega ISP's om hun dienstenpalet af te ronden.

  linux
Een vanaf het begin van de jaren ' 90 onder leiding van Linus Torvalds ontwikkeld operating system. Linux is open source software en het meest gangbare operating system voor internet servers. Alle NFG servers draaien Debian GNU/Linux software.

  open source
Software die door iedereen verbeterd mag worden, als hij deze verbeteringen maar niet exclusief doorverkoopt. Het hart van de open source beweging wordt gevormd door het GNU project van de Free Software Foundation. Het is een markante prestatie, dat het een losvaste verzameling vrijwilligers gelukt is, om een software omgeving te realiseren die technisch met kop en schouders boven de commerciŽle alternatieven uit steekt, en ook nog gratis is.

  operating system
Besturingssysteem, de basis programmatuur, die bemiddelt tussen gewone gebruikersprogramma's en de hardware (fysieke machine). Het gebruikersprogramma 'Word' bijvoorbeeld, gebruikt het operating system 'Windows' om de fysieke 'Intel Pentium"'processor te benutten. Andere veel voorkomende besturingssystemen zijn MacOS (Apple), Linux en Unix.

password (wachtwoord)
Een geheime code, alleen aan u bekend. Hiermee weet de server zeker, dat hij met u te maken heeft en niet met iemand anders. Een password moet moeilijk te raden zijn. Gebruik daarom alleen passwords, die niet in een woordenboek voorkomen en die minstens 1 cijfer bevatten.

  pop-3
Post Office Protocol, versie 3. Het protocol dat uw e-mail programma gebruikt om e-mail op te halen van een mail server. POP gebruikt een login/password dialoog om te zorgen dat alleen uzelf uw email kan ophalen van uw account. Uw email wordt bewaard op de server tot u inlogt en uw mailbox leeghaalt.

  protocol
Een speciale taal waarmee computers een bepaald soort informatie met elkaar kunnen uitwisselen. In tegenstelling tot mensen, spreken computers veel van dit soort 'talen'. En in tegenstelling tot mensen, hebben ze voor elk onderwerp een apart 'taaltje' nodig. Het is een beetje, alsof u met uw echtgenoot Frans spreekt als het over de kinderen gaat, Engels als het over financiŽle zaken gaat, Duits over het werk, Italiaans over het weer, etc. Om een Babylonische spraakverwarring te voorkomen zijn standaarden voor protocollen van groot belang.

  server
Een krachtige computer met snelle netwerk verbindingen. Internet aanbieders hebben een aantal servers in eigendom, waarvoor ze ruimte en verbindingscapaciteit afhuren in een zwaar beveiligd rekencentrum. Als u een website opgevraagt, zoekt uw computer contact met een bepaalde server; deze server laat dan de opgevraagde website zien.

  smtp
Simple Mailer Transfer Protocol. Het protocol dat uw email programma gebruikt om met een server te praten bij het verzenden van email. U kunt alleen email verzenden via de SMTP server die hoort bij het inbel netwerk waarop u bent aangesloten. Dit voorkomt, dat criminele types ongestraft spam kunnen verzenden.

  spam
Ongewenste commerciŽle email, ook wel UCE (Unwanted Commercial E-mail) genoemd. Het ongevraagd toezenden van email aan groepen mensen is helaas gebruikelijk op internet. Wie zich hieraan schuldig maakt, wordt door elke serieuze ISP van het netwerk af gegooid. Bij drukwerk reclame betaalt de afzender al gauw een paar gulden per ontvanger per reclame uiting. Die kostendrempel zorgt er voor, dat u niet dagelijks vrachtwagens reclame krijgt. Op internet kan iedereen vrijwel gratis ongelimiteerde aantallen email verzenden. De kosten van verstopte infrastructuur en telefoontikken bij het ontvangen komen niet bij de afzender terecht. Zonder tegenmaatregelen zou uw email box zo overladen worden met reclame, dat u uw gewone zakelijke emails niet eens meer zou terug vinden. Vandaar dat vrijwel alle internet service providers het verzenden van spam verbieden. ISP's die niet optreden tegen spam, lopen het risico terecht te komen op de zwarte lijst van het mail abuse prevention system.

  standaarden
Een standaard is een soort wet voor computercommunicatie. Een standaard legt vast via welke protocollen computers met elkaar kunnen communiceren. Wie zich niet aan de standaard houdt, valt buiten de boot. Daarbij kunnen grote commerciŽle en politieke belangen in het spel zijn. Er zijn twee soorten standaarden: Gesloten standaarden zijn eigendom van een bepaald bedrijf. Dat bedrijf bepaalt wie die standaard mag gebruiken. En dus ook: wie niet. Open standaarden worden vastgesteld door onpartijdige comitť's zoals de IETF of het World Wide Web Consortium. Een open standaard wordt vrij gepubliceerd en mag door iedereen gebruikt worden. Open standaarden vormen de lijm, waarmee het internet aan elkaar hangt.

  support
Deskundige hulp om te zorgen dat servers en netwerken goed (blijven) functioneren.

  systeembeheer
Het feitelijke werk om te zorgen dat uw servers goed blijven functioneren.

  wachtwoord (password)
Een geheime code, alleen aan u bekend. Hiermee weet de server zeker, dat hij met u te maken heeft en niet met iemand anders. Een password moet moeilijk te raden zijn. Bij Consumerce gebruiken we daarom alleen passwords, die niet in een woordenboek voorkomen en die minstens 1 cijfer bevatten.

  webdesign
Het ontwerpen en bouwen van websites.

  webhosting
Het hosten van websites op een speciaal daarvoor ingerichte server van een internet hosting provider.
website. Een hypertekst presentatie op het world wide web.

  world wide web
Tim Berners-Lee vond in 1989 het world wide web uit. Hij combineerde de bestaande ideeŽn hypertekst en internet in een nieuw protocol: HTTP, het Hyper Text Transfer Protocol. Berners-Lee leidt nog steeds de verdere ontwikkeling van het web als directeur van het World Wide Web Consortium, dat standaarden op het gebied van web technologie opstelt, zoals HTML en XML.

  world wide web consortium
Samenwerkingsverband van internet technologie bedrijven, ontwikkelt standaarden voor nieuwe web technologie. Directeur is Tim Berners-Lee, de uitvinder van het world wide web.

  xml
eXtensible Markup Language. Om gegevens uit te wisselen tussen computers is een exacte beschrijving nodig van allerlei gegevens en hun onderlinge samenhang. Elke tak van industrie heeft bepaalde typische gegevens uitwisselingen. Elk van die gegevensuitwisselingen heeft z'n eigen structuurtaal, de 'markup language'. XML is een meta-structuurtaal: een taal die de structuur van structuurtalen beschrijft. Vergelijk het met de grondwet: dat is een wet die voorschrijft hoe wetten worden geschreven. Het voordeel van de XML standaard is, dat allerlei software met XML overweg kan. Wie z'n eigen structuurtaal ontwikkelt als dialect van XML, kan al die XML software gewoon gebruiken en hoeft dus niet (kostbaar) het wiel zelf uit te vinden. Ook HTML, de structuurtaal van het world wide web, is een dialect van XML.

  zoekmachine
Een zoekmachine bestaat uit drie onderdelen: een crawler (software robot) die  web-pagina's bezoekt en  deze opslaat in een database die vanuit een zoekpagina door het publiek doorzocht kan worden op trefwoorden. Omdat de crawler hyperlinks volgt, loopt hij als een spin (spider) het hele world wide web langs. De database wordt meestal elke paar weken ververst. Een van de populaire zoekmachines is Google, die op een slimme manier de populariteit van pagina's meet en daardoor de meest relevante antwoorden op een zoekvraag boven aan weet te plaatsen.
 

[ Video Club Hoorn en de Regio | Video club magazine inhoud | H & R Video ABC ]

[ blocqx11 ]