Scenario

Om een logische volgorde en een ‘verhaal’ in je film te krijgen moet volgens een scenario worden gewerkt. Het scenario moet je zorgvuldig maken, omdat het de basis vormt voor je film. Je kunt met een goed scenario veel problemen voorkomen bij het opnemen en monteren.


Wat is een scenario?

Een scenario beschrijft wat de kijker te zien krijgt in een film. In een scenario, of script staat precies beschreven wat er uiteindelijk te zien en horen moet zijn in de film. Als je een goed scenario leest zie je als het ware de film voor je ogen afspelen. Camera-instellingen, ook wel de kaders genoemd, staan nog niet in een scenario aangegeven. Dat gebeurt pas in een draaiboek of het storybord. Het scenario staat pas aan het begin van de productie van een film. Na het scenario komt nog de regie en de montage.

In een scenario staat alleen:
  • de omschrijving waar de scene zich afspeelt (lokatie) en hoe de mensen er uit zien;
  • de handelingen, dat is dus wat er gebeurt in beeld, maar ook buiten 
    beeld.

    Wie doet wat?
  • Bijvoorbeeld wanneer de jongen een steen gooit naar het bushokje 
    hoor je buiten beeld de sirene van de politiewagen loeien;
  • de dialoog, dat is dus de tekst die in de film gesproken gaat 
    worden en door wie.

Het scenario wordt opgedeeld in hoofdstukken, zoals dat ook gebeurt in boeken, maar nu heten de hoofdstukken scènes. Onder een scène verstaat men een stukje film dat wordt opgenomen zonder de camera te stoppen. Als de handeling zich verplaatst begint er dus een nieuwe scène. Zolang de scène zich niet van de ene naar de andere locatie verplaatst of een sprongetje in de tijd maakt is het één scène.

Boven iedere scène staat bovenaan tijdsaanduiding en plaats vermeld.
Bijvoorbeeld: 

SCÈNE 1:  EXT Hoofdtoren Hoorn MORGEN
SCÈNE 2: EXT Hoofdtoren Hoorn AVOND
SCÈNE 3: INT Wapenkamer Hoofdtoren AVOND

Het scenario kan er dus als volgt uitzien:


SCÈNE 1 - EXT - BUSHOKJE TERSCHELLINGPAD - MIDDAG

Jordi loopt samen met Astrid en Marloes in de buurt van het bushokje. Er staat geen bus bij het bushokje en er zijn weinig mensen op straat. Ze lopen zich dus duidelijk te vervelen en gaan lopen klieren. Ze lopen wat te schoppen tegen wat steentjes en een colablikje. Jordi wil indruk maken op zijn beide vriendinnen en gaat ook met de steentjes gooien. Dan pakt hij een wat grotere steen en gooit deze tegen het bushokje.
Je hoort dat de ruit aan diggelen gaat. Heel kort erna hoor je een politiesirene vanuit de verte dichterbij komen. De drie lopen hard weg. Ieder naar een andere richting.

In de kapitale kopregel kun je zien dat de de opnames buiten zijn (EXT) en dat ze in de middag opgenomen moeten worden op het Terschellingpad. Daaronder wordt aangegeven wat er zich binnen deze scène gaat afspelen.


Wanneer gebruik je een scenario?

Als amateur hoef je echt niet voor elke film die je gaat makeneen scenario te schrijven. Voor een vakantiefilm is het vaak onmogelijk om van tevoren een scenario te schrijven. Ook bij een film over een bezoek aan een bedrijf o.i.d. zul je niet gauw een scenario 
schrijven. Hierbij kan een eenvoudig storybord vaak al wonderen doen. Maar wil je een korte of lange speelfilm maken, zorg dan wel voor een scenario.


Kort samengevat

Een scenario is nog geen eindproduct, maar slechts een halfproduct. Het is een beschrijving van wat je in de film krijgt te zien en horen. Handelingen, gebeurtenissen en dialogen worden erin beschreven. Daarnaast wordt de plaats van handeling beschreven. Het scenario dient geen technische informatie te bevatten. Beelduitsnede (découpage) en camerapositie worden later bepaald. Deze gegevens worden in het draaiboek en/of het storyboard verwerkt. Hiervoor zal het scenario wel als leidraad dienen.


Hoe schrijf je een scenario

Voor je aan een scenario begint, kun je beter eerst een synopsis (korte samenvatting van het verhaal) schrijven. In de synopsis beschrijf je niet alleen het verhaal, maar geef je ook aan de hand van een korte beschrijving de sfeer van de film aan. Voor het schrijven van de synopsis moet je jezelf de volgende vragen stellen.

  • Wie zijn de hoofdpersonen?
  • Wat willen zij bereiken (wat is hun doel)?
  • Hoe ontwikkelen zij zich in de loop van de film?
  • Waar en wanneer speelt de film zich af?
  • Wat is het boeiendste aan de film?

Hierna kun je de personen gaan ‘inkleuren’. Per persoon ga je bepalen hoe de persoon er uitziet. Verder verzin je wat voor type het is, uit welk milieu hij komt. Is hij getrouwd, heeft hij kinderen, wat zijn z’n hobby’s e.d. Op die manier breng je je gefingeerde figuur tot leven. Bij het schrijven van het scenario werk je dan met figuren van vlees en bloed.

   
[ Video Club Hoorn en de Regio | Video club magazine inhoud | H & R Video ABC ]

[ blocqx11 ]